DE VERSOBERING ERFGOEDBELEID VAN HET HUIDIGE COLLEGE IS IN WERKELIJKHEID EEN AFBRAAKBELEID


DE VERSOBERING ERFGOEDBELEID VAN HET HUIDIGE COLLEGE IS IN WERKELIJKHEID EEN AFBRAAKBELEID

Het college en de coalitie (en met name van de op een na kleinste coalitiepartij Passie voor Wassenaar) is van mening dat (gemeentelijke- en rijks)monumenten lastig zijn. Diezelfde mening hebben zij over de wettelijk verplicht te beschermen cultuur-historische en archeologische waarden in Wassenaar. Zelfs het horen van inwoners en adviesorganen vinden zij lastig. Notabene een coalitie die heel schijnheilig beweert dat zij transparantie en burgerparticipatie zo belangrijk vinden.

Deze partijen zoals het D66, CDA, Groen Links en Pvda die nog maar een klein jaar geleden vonden (oa samen met (DLW) Democratische Liberalen Wassenaar) dat zij moesten voorkomen dat er ongewild een waardevol object gesloopt zou worden zorgen er nu voor dat bijna in Wassenaar simpelweg gesloopt kan worden. Zelfs bestaande sloopbescherming komt nu te vervallen als de wethouder van Passie haar zin krijgt en daar heeft het alle schijn van op dit moment.

De inwoners mogen niet inspreken op het voorstel en de adviseurs (de Commissie Welstand en Cultureel Erfgoed en de Klankbordgroep Cultureel Erfgoed) hebben niet eens de mogelijkheid gekregen hun visie op het concept te geven. En dat hoort wel. Nu het raadsvoorstel er ligt hebben de beide organen (WCE en KBG CE) geheel conform de wettelijke regels toch hun advies gegeven. Het college kan daar niet ongemotiveerd van afwijken.

De commissie WCE schrijft vernietigend advies over het voorstel;

Advies : Advies van de Commissie Welstand en Cultureel erfgoed over de herziening van het erfgoedbeleid in Wassenaar, 6 juli 2015
Met enige verbazing heeft de Commissie Welstand en Cultureel erfgoed kennis genomen van het voornemen het erfgoedbeleid voor panden en objecten in bestemmingsplannen te versoberen. Nog geen twee jaar geleden werd juist de wens uitgesproken voor een nadere precisering en versterking van het beleid, waarvoor de uitgangspunten in samenspraak met de Klankbordgroep (een mede op initiatief van de gemeente opgericht ‘wakend oog en oor’ voor behoud van het cultureel erfgoed van de gemeente) werden geformuleerd.

De herijking diende om de eerdere selectie van gemeentelijke monumenten te completeren en om een beschermingsregime te ontwikkelen voor de waardevolle beeldbepalende panden, ofwel de panden en objecten die bij de GIP selectie (Gemeentelijk Inventarisatie Project) met vier sterren waren gehonoreerd, maar niet tot gemeentelijk monument zouden worden benoemd, en de met drie sterren bekroonde panden en objecten. Te samen zou dit aangevulde, thematisch geselecteerde gebouwde culturele erfgoed het ‘Verhaal van Wassenaar’ zo goed mogelijk moeten vertellen.

Voor de beeldbepalende panden werd voorgesteld een paraplubestemmingsplan te ontwikkelen waarbij de bestaande bestemming werd aangevuld met de bestemming cultuurhistorisch waardevol, waarbij richtlijnen werden geformuleerd voor het in stand houden voor deze functie. De commissie kon zich goed met dit voornemen verenigen omdat op deze wijze ook dit voor Wassenaar zo karakteristieke erfgoed behouden kon blijven. Tegelijk bood het ruimte voor eigenaar/bewoners om in het interieur wijzigingen aan te brengen. Bij deze categorie ging en gaat het immers vooral om behoud van het beeld.

De commissie betreurt het daarom ten zeerste dat dit paraplubestemmingsplan van de baan is en er nu wordt gekozen voor zowel een kwantitatieve als kwalitatieve versobering van het erfgoedbeleid.
Als overweging geldt zowel het aantal regels als het aantal te beschermen objecten sterk te vermin-deren. Doel is slechts objecten met een zeer hoge cultuurhistorische waarde in het bestemmingsplan te beschermen door een sloopvergunningstelsel.

Deze versobering zou meer tegemoet komen aan de grootte van Wassenaar. Hoewel onduidelijk is wat hier precies met grootte wordt bedoeld (inwoneraantal, oppervlakte?) kan op voorhand worden gesteld dat deze aanname geen recht doet aan de bijzondere geschiedenis en karakteristiek van een villadorp dat in de luwte van de grote steden tot stand kwam, door onder andere de trek van kapitaalkrachtige bewoners uit juist deze steden. Geïnspireerd door de smaak van de tijd lieten deze opdrachtgevers veelal villa’s, landhuizen of herenhuizen bouwen, ontworpen door al dan (nog) niet gerenommeerde architecten of bouwers. Deze bouwexpansie heeft Wassenaar, naast andere fenomenen als de agrarische ontwikkeling, de centrumbebouwing en de buitenplaatscultuur, gemaakt tot het unieke rijk geschakeerde dorp van nu. Dit ontkennen zou de geschiedenis tekort doen.

Was met het paraplubestemmingsplan al een reductie ingezet van 20% minder eigenaren die geconfronteerd worden met regelgeving, voortkomend uit de cultuurhistorisch waardevolle betekenis van hun pand, nu wordt ingezet op vermindering van 50%, waarbij wordt uitgegaan op het vertrouwen in de burger. Dat is een edel streven, maar de realiteit is dat de burger vaak geen of nauwelijks weet heeft van de bijzondere waarde van zijn of haar pand en de betekenis daarvan voor de omgeving én voor de volgende generaties. Evenmin is er vaak weinig kennis over hoe die waarde in stand te houden of juist te versterken. Regelgeving kan daarbij juist helpen, zonder direct een blokkade te vormen zoals vaak ten onrechte wordt verondersteld. De Commissie maakt herhaaldelijk mee dat een aanvankelijk als hindernis ervaren voorwaarde voor behoud, met enige steun en informatie, gemakkelijk oplosbaar blijkt, waarover achteraf grote tevredenheid heerst.

De commissie meent dat met het sloopvergunningstelsel niet een actief op bescherming gericht beleid wordt ontwikkeld. Het stelsel is alleen aan de orde in geval van sloop van een pand, maar niet bij het (ingrijpend) wijzigen of verbouwen ervan, waardoor waardevolle en karakteristieke onderdelen alsnog verloren kunnen gaan. Bescherming van (zeer) waardevol erfgoed vraagt daarom niet alleen richtlijnen voor sloop maar ook voor het in standhouden ervan bij restauratie en verbouwingen.

Met het streven slechts zeer cultuurhistorisch waardevolle objecten te beschermen riskeert de gemeente een aantasting van de cultuurhistorische en architectuurhistorische waarden van Wassenaar. Door de beperking zal een groot aantal waardevolle panden en objecten, die representatief zijn voor het ‘Verhaal van Wassenaar’, geen enkele bescherming meer genieten en ‘vogelvrij’ worden. Dit zal vooral op den duur, bij de stapeling van vele ongewenste effecten, in sterke mate afbreuk doen aan de ruimtelijke kwaliteit van Wassenaar. De door de Klankbordgroep georganiseerde fietstocht op 2 juli j.l. liet hiervan een aantal sprekende voorbeelden zien in de Schoolstraat.

Deze vermindering van monumentaal erfgoed en aantasting van de ruimtelijke kwaliteit kan verstrekkende gevolgen hebben. De Atlas voor gemeenten 2015 laat een duidelijke relatie zien tussen monumentaal erfgoed en economische groei.

Monumentale steden groeien harder en trekken hoogopgeleiden aan. Ook laten de huizenprijzen een stijgende lijn zien. Historisch erfgoed heeft duidelijk een positief effect op het economische welvaren. Dit vereist echter wel een adequate zorg voor dit erfgoed, ook van de kant van de gemeente.

De Commissie Welstand en Cultureel erfgoed adviseert af te zien van het voorgenomen versoberingsbeleid omdat dit ten koste zal gaan van de cultuurhistorische rijkdom en de ruimtelijke kwaliteit van Wassenaar.

Daarnaast adviseert de commissie het eerder voorgenomen paraplubestemmingsplan inclusief de bijbehorende objectbeschrijvingen en regels alsnog vast te stellen, als instrument om de beeldbepalende panden in Wassenaar voor de toekomst te bewaren.

Aldus vastgesteld d.d.:
De voorzitter De secretaris
ir. M. de Boer Ir. E. Töns

De Klankbordgroep CE geeft eveneens een vernietigend advies (hetgeen wij niet in zijn geheel herhalen)

Wij laten u hierbij weten dat de klankbordgroep tijdens het proces nooit betrokken is geweest noch om advies is gevraagd.

De nota is ons, toen deze opgesteld was, toegezonden en pas toen is ons om advies gevraagd.
Wij hebben slechts na ontvangst de gelegenheid gehad, tijdens een ontmoeting met wethouder Zweerts de Jong, om ons uit te spreken over de inhoud.

Op ons advies, zie de brief van 31 juli j.l., hebben we tot op heden geen reactie mogen ontvangen.

Wij verzoeken u vriendelijk dit aan de commissie leden kenbaar te maken en verwachten van de wethouder dat zij tegenover de commissie hier duidelijkheid in schept.

Toch wijkt wethouder Zweerts de Jong van Passie voor Wassenaar ongemotiveerd af van alle adviezen onder het mom van “ik denk er nu eenmaal anders over” en “het staat in het coalitieakkoord”. Dat het niet eens zo in het coalitieakkoord staat is een discussie op zich.
De wethouder wil kost wat kost het besluit doordrukken terwijl zij en de meeste raadsleden (net zoals zij) niet eens begrijpen wat voor desastreuze gevolgen het besluit voor Wassenaar zal hebben. Zelfs raadsvragen beantwoord zij niet, begrijpelijk want zij weet niet wat zij doet. Wassenaar is zo aantrekkelijk om te wonen omdat het er zo fraai uitziet. Daarom zijn ook de huizen zo waardevast. Die kwaliteiten moet je zien te behouden.

De Klankbordgroep CE schrijft in dezelfde brief

De klankbordgroep is van mening dat een groot aantal commissieleden weinig kennis hebben van de materie en zich niet bewust zijn van de gevolgen die dit nieuwe beleid zal hebben voor het aanzien en de samenhang van Wassenaar. De klankbordgroep stelt voor om een bijeenkomst te organiseren voor alle raadsleden waar een onafhankelijk deskundige de nota toelicht en aangeeft welke gevolgen het uitvoeren van de nota zal hebben op de cultuurhistorische waarden van Wassenaar.

De coalitie probeert het besluit door te drukken zelfs zonder de wettelijk voorgeschreven inspraakprocedure. Koppen worden geteld en een van de raadsleden presteert het zelfs om te zeggen dat hij namens de coalitiepartijen spreekt. De raad voert dus geen debat meer over het (slechte) voorstel.
Al met al zijn dat redenen genoeg om het besluit te laten vernietigen door de Kroon (omdat het in strijd is met de wet, de cultuur historie MOET worden beschermd) of door de bestuursrechter (omdat er geen inspraak is geweest).

Vervelend vinden de coalitie het ook dat het Rijk een groot deel van Wassenaar als Beschermd Dorpsgezicht heeft aangewezen. Dat betekent niet dat er niets mag maar dat je goed moet afwegen of bepaalde ingrepen niet schadelijk zijn voor het aanzicht van Wassenaar.
Lastig vinden zij het vooral omdat het voor projectontwikkelaars moeilijker is om waardevolle gebouwen te slopen en op die leegkomende plek enorme gebouwen neer te zetten die bijna altijd detoneren met de omgeving.

Cultuurhistorische erfgoed is een belang wat ons allen aangaat maar onder het mom dat het de eigenaar van een waardevol pand zo lastig gemaakt wordt moet het hele erfgoed beleid “op de schop”. Het wordt gepresenteerd dat er een betere bescherming komt en dat de eigenaren weten waar zij aan toe zijn. Het omgekeerde is waar. Als dit “afbraakbeleid” doorgaat dan wordt Wassenaar gesloopt.

DLW heeft de wethouder daarom nog een keer de onderstaande vragen gesteld;

Schriftelijke vragen Democratische Liberalen Wassenaar, bij voorkeur schriftelijk te
beantwoorden vóór 21 september aanstaande of mondeling op 21 september 2015.

Onderwerp; schriftelijke vragen DLW / art 36 rvo vragen
Inzake ; Vragen over versobering erfgoedbeleid

Wassenaar 14-09-2015

Geacht College,

N.a.v. de commissievergaderingen van 7 en 9 september en het geformuleerde advies, wil ik nog graag
t.b.v. de besluitvorming in de raad van 21 september over de versobering van het erfgoedbeleid de
volgende vragen beantwoord hebben.

1. Kan het college inzichtelijk maken welke regels door het voorgestelde aan te passen erfgoedbeleid in de geldende bestemmingsplannen komen te vervallen? Dit graag inzichtelijk maken per bestemmingsplan waarbij t.a.v. Landelijk Gebied gekeken wordt naar zowel het oude als het recentelijk vastgestelde.
2. Kunnen de mogelijke gevolgen van de voorgestelde versobering voor bijvoorbeeld de Langstraat visueel worden gemaakt? M.a.w. wat wordt straks niet meer beschermd in de Langstraat?
3. Wat zijn de gevolgen van het beperken van de regels tot enkel sloopbescherming en deze slechts te koppelen aan objecten? Wat betekent dit voor de structuren en ensembles die zo kenmerkend zijn voor het beschermd dorpsgezicht?
4. Kan door het college worden gegarandeerd dat met de voorgenomen wijzigingen van de geldende bestemmingsplannen op basis van het aan te passen erfgoedbeleid nog recht wordt gedaan aan het door het rijk aangewezen beschermd dorpsgezicht?
Meer specifiek. Hoe gaat het college ervoor zorgen dat de bij het rijksaanwijzingsbesluit uit 2007 beschermde waarden in het beschermd dorpsgezicht, in de regelgeving van de bestemmingsplannen blijven beschreven zoals de wet voorschrijft?
5. Kunt u getalsmatig aangeven hoeveel panden we op dit moment met de geldende bestemmingsplannen beschermen (m.u.v. Landelijk Gebied, daarbij graag uitgaan van het vorige plan omdat de versobering hier op dit moment 100% is) en hoeveel panden straks daadwerkelijk worden beschermd voor verminking na de voorgenomen versobering?
6. De wethouder stelde in de commissievergadering dat er met het huidige voorstel van het college meer beschermd gaat worden dan voorheen, doordat er in plaats van in 5 nu in 8 bestemmingsplannen objecten beschermd gaan worden. Kan het college dit aantonen? Wat en hoeveel werd beschermd? Wat en hoeveel wordt beschermd? Op welke wijze?
7. Is het college zich ervan bewust dat het college op basis van hetgeen de raad nu wordt voorgesteld straks in het beschermd dorpsgezicht een sloopvergunning niet KAN weigeren als er een goedgekeurd nieuwbouwplan (open gaten-regeling, zie pag. 7 raadsvoorstel)? En dat in de overige gebieden buiten het beschermd dorpsgezicht een sloopmelding volstaat? Kan het college uitleggen welke bescherming het handboek dan wel biedt voor de panden met een cultuurhistorische waarde en waaruit deze bescherming dan bestaat?
8. Kan het college aangeven wat er gebeurt met de versoberingsplannen van het college (qua tijdsplanning, bescherming van panden en objecten) indien er bezwaar gemaakt wordt tegen het niet ter inzage leggen van het beleid? Is het college met mij van mening dat het wijzer en zorgvuldiger is om t.a.v. de voorgenomen nogal rigoureuze beleidswijziging en de voorgestane samenspraak met de burger juist wel inspraak te houden?
9. De raad heeft van de WCE en de klankbordgroep CE adviezen ontvangen. In het voorstel aan de raad is met deze adviezen geen rekening gehouden. Van adviezen van onafhankelijke adviseurs kan alleen gemotiveerd worden afgeweken. Dat is niet gebeurd. Graag ontvang ik een motivatie van het college waarom van de adviezen wordt afgeweken.
10. Op 9 september heeft de klankbordgroep CE gemeld dat zij in tegenstelling tot wat de wethouder aangaf, niet betrokken zijn bij het totstandkomingsproces van het nu voorliggend voorstel over de versobering. Kan het college hierover aan de raad duidelijkheid verschaffen?

Daarnaast meldt de klankbordgroep ‘dat wij ons niet bewust zijn van de gevolgen van het nieuwe beleid voor het aanzien en de samenhang van Wassenaar’. Zij adviseert om ons te laten adviseren door een onafhankelijke deskundige over wat de gevolgen zijn van de beleidswijziging. Persoonlijk vind ik dat een goede suggestie. Ik verzoek het college dit op korte termijn in samenspraak met de commissie te faciliteren. Is het college daartoe bereid?

In afwachting van de tijdige beantwoording,

B G Paulides/ fractievoorzitter Democratische Liberalen Wassenaar